Drie vingers zaten er vanmiddag tussen de deur van de schuur. Drie vingers van Merel. Ze had samen met mij en een paar andere kleuters al het speelgoed netjes opgeruimd. Klaar was het en terwijl zij blij in de deuropening stond gooide iemand anders de deur dicht.
Wat een schrik, en wat een pijn. Onder de kraan, was mijn eerste reactie. En vroeger riep ik dan, 'stil maar, rustig maar, het valt wel mee'. Nu weet ik dat het niet mee valt en dat het goed is om het uit te schreeuwen. Ik blijf dicht bij Merel en houdt haar vast, zij huilt zo hard dat in de andere klassen mensen zich afvragen wat er aan de hand is.
Na een poosje met haar vingers onder de kraan, halen we ijs. Ijs in een handdoek om op de vingers te doen en een raketje voor Merel als afleiding en troost. Ik vraag haar wie ze graag naast zich wil hebben in de kring. Twee beste vrienden komen dicht bij haar zitten en aaien haar rug. Najiha, de stagejuf leest een prentenboek voor en ik ga oma bellen. Na een klein half uurtje zijn oma en mama van Merel tegelijk op school.
Het is dan precies half vier en we (de kleuters) gaan naar huis. Nog een beetje trillend op onze benen van de schrik. Net heb ik even naar Merel's huis gebeld. Haar moeder vertelde dat ze naar de eerste hulp in het ziekenhuis waren geweest, dat er niets gebroken was en dat Merel morgen weer naar school komt. Gelukkig, dat valt me mee. Ik voel mij opgelucht en weet dat dit soort dingen kunnen gebeuren op school, maar liever niet te vaak!
Zoeken in deze blog
donderdag 12 april 2012
woensdag 11 april 2012
Schooltuin, oase in de stad
Het eerste wat ik vanmorgen deed, was uit het raam kijken en daarbij hopen dat het niet zou regenen. Gelukkig, dat viel mee, het was wel bewolkt en tamelijk grauw maar het leek er op dat het droog zou blijven.
Ik ga met de oudste kleuters naar de schooltuin, voor de allereerste keer dit schooljaar. Ze hebben er veel zin in. Vorig jaar waren zij de jongste kleuters en zagen de groep oudsten dan eens in de week vertrekken om te gaan tuinieren. Eigenlijk wilden ze dan mee. Soms wandelden we met de hele klas even naar de tuinen, om appels en peren te plukken of om een kabouterpad te volgen in de kruidentuin. Of om gewoon te genieten van de ruimte, het klimmen in de bomen, bloemen plukken, kleine beestjes ontdekken. Het schooltuinencomplex is een echte oase in de stad. De schooltuinjuf (toevallig ook) Janny is daarbij een zeer gastvrij en cooperatief mens. Heb je een idee? Zij denkt graag mee. We komen elkaar regelmatig tegen op het fietspad, onderweg van school naar huis, naar stad of supermarkt en dan is er altijd wel wat te bespreken.
Pas geleden nog, om 8 uur 's ochtends, kwamen we elkaar tegen bij de ingang van AH. We wilden even afspreken wanneer Janny bij ons in de klas zou komen vertellen over de tuinen. Ja, en hoe gaat dat dan, als juffen aan de praat raken? Het duurde even en het viel mij intussen op dat er een meneer naar ons stond te kijken, ik kende hem niet. Toen ik tijdens het praten naar hem bleef kijken, riep hij ineens: Hallo Janny, kom je? Oeps het bleek de echtgenoot van de schooltuinjuf te zijn, ze zouden samen boodschappen doen ;-)
Vorig schooljaar vierden we verschillende feesten in de tuin. een pannenkoekenpicknick vanwege het afscheid van de oudste kleuters, een barbecue op de dag van het afscheid van een groep collega's en tijdens de kerstwandeling was de schooltuin de plek waar je chocomel en gluhwijn kon drinken.
Allemaal goede herinneringen. Vandaag maakten we weer een nieuw begin. Een paadje trappelen, een aardappel poten en onkruid wieden, het uurtje in de tuin vloog voorbij. Ik verheug mij nu al op volgende week en soms denk ik: 'Als schooltuinjuf Janny met pensioen gaat, dan wil ik haar wel opvolgen ;-)
Ik ga met de oudste kleuters naar de schooltuin, voor de allereerste keer dit schooljaar. Ze hebben er veel zin in. Vorig jaar waren zij de jongste kleuters en zagen de groep oudsten dan eens in de week vertrekken om te gaan tuinieren. Eigenlijk wilden ze dan mee. Soms wandelden we met de hele klas even naar de tuinen, om appels en peren te plukken of om een kabouterpad te volgen in de kruidentuin. Of om gewoon te genieten van de ruimte, het klimmen in de bomen, bloemen plukken, kleine beestjes ontdekken. Het schooltuinencomplex is een echte oase in de stad. De schooltuinjuf (toevallig ook) Janny is daarbij een zeer gastvrij en cooperatief mens. Heb je een idee? Zij denkt graag mee. We komen elkaar regelmatig tegen op het fietspad, onderweg van school naar huis, naar stad of supermarkt en dan is er altijd wel wat te bespreken.
Pas geleden nog, om 8 uur 's ochtends, kwamen we elkaar tegen bij de ingang van AH. We wilden even afspreken wanneer Janny bij ons in de klas zou komen vertellen over de tuinen. Ja, en hoe gaat dat dan, als juffen aan de praat raken? Het duurde even en het viel mij intussen op dat er een meneer naar ons stond te kijken, ik kende hem niet. Toen ik tijdens het praten naar hem bleef kijken, riep hij ineens: Hallo Janny, kom je? Oeps het bleek de echtgenoot van de schooltuinjuf te zijn, ze zouden samen boodschappen doen ;-)
Vorig schooljaar vierden we verschillende feesten in de tuin. een pannenkoekenpicknick vanwege het afscheid van de oudste kleuters, een barbecue op de dag van het afscheid van een groep collega's en tijdens de kerstwandeling was de schooltuin de plek waar je chocomel en gluhwijn kon drinken.
Allemaal goede herinneringen. Vandaag maakten we weer een nieuw begin. Een paadje trappelen, een aardappel poten en onkruid wieden, het uurtje in de tuin vloog voorbij. Ik verheug mij nu al op volgende week en soms denk ik: 'Als schooltuinjuf Janny met pensioen gaat, dan wil ik haar wel opvolgen ;-)
dinsdag 10 april 2012
Klankgebaar
Van alle cursussen die ik gedaan heb, zijn er een paar die mij echt bij gebleven zijn. Een daarvan is de cursus 'Lezen moet je doen.' De naam van de cursus vond ik niet prettig. 'Moet' klonk zo dwingend. 'Hoera, we gaan lezen' of 'Lezen is leuk' zou ik de cursus/methode liever genoemd hebben. Uiteindelijk ontdekte ik dat de nadruk lag op 'doen' en dat sprak mij wel aan.
De methode is bedoeld voor ZMLK scholen en wij kwamen er mee in aanraking via de ambulante begeleider van een kleuter met down syndroom die bij ons op school kwam. Al meer dan tien jaar geleden volgden we de cursus met de onderbouw juffen en nog steeds ben ik er blij mee.
Een van de uitgangspunten van 'lezen moet je doen' is het gebruik van klankgebaren. Bij elke klank hoort een gebaar. Als er een klank centraal staat in de lettermuur (eigenlijk zouden we die klankenmuur kunnen noemen)leren we het gebaar dat bij die klank hoort. Het klankgebaar staat niet op zichzelf, het wordt in een verhaal of met een spelletje geintroduceerd.
Bij het klankgebaar OO (je maakt het door twee rondjes te maken met je duimen en je wijsvingers, die voor je ogen te houden en dan tijdens het uitspreken van de klank je handen naar voren te bewegen) spelen we, wel heel voor de hand liggend, het spelletje 'k heb een brilletje al voor mijn ogen....En zo is er bij elk klankgebaar wel iets te verzinnen. De kleuters, van de allerjongste tot de oudste in de klas, doen bijna allemaal enthousiast mee met de klankgebarenspelletjes, en onthouden de klanken en de gebaren!
Veel kinderen komen tegenwoordig op school en tekenen lettertjes. Dat wordt in onze geletterde wereld blijkbaar heel belangrijk gevonden. Ik vertel ouders regelmatig dat leren lezen ook, of misschien wel juist, begint met genieten van verhalen, van voorlezen, van verhalen verzinnen en aan elkaar vertellen, plezier hebben in klanken, rijmpjes en liedjes. En, bij ons op school met klankgebaren ;-)
Wil je meer weten over klankgebaren:
http://www.onderwijsgek.nl/downloads.html
http://www.lezenmoetjedoen.nl/
De methode is bedoeld voor ZMLK scholen en wij kwamen er mee in aanraking via de ambulante begeleider van een kleuter met down syndroom die bij ons op school kwam. Al meer dan tien jaar geleden volgden we de cursus met de onderbouw juffen en nog steeds ben ik er blij mee.
Een van de uitgangspunten van 'lezen moet je doen' is het gebruik van klankgebaren. Bij elke klank hoort een gebaar. Als er een klank centraal staat in de lettermuur (eigenlijk zouden we die klankenmuur kunnen noemen)leren we het gebaar dat bij die klank hoort. Het klankgebaar staat niet op zichzelf, het wordt in een verhaal of met een spelletje geintroduceerd.
Bij het klankgebaar OO (je maakt het door twee rondjes te maken met je duimen en je wijsvingers, die voor je ogen te houden en dan tijdens het uitspreken van de klank je handen naar voren te bewegen) spelen we, wel heel voor de hand liggend, het spelletje 'k heb een brilletje al voor mijn ogen....En zo is er bij elk klankgebaar wel iets te verzinnen. De kleuters, van de allerjongste tot de oudste in de klas, doen bijna allemaal enthousiast mee met de klankgebarenspelletjes, en onthouden de klanken en de gebaren!
Veel kinderen komen tegenwoordig op school en tekenen lettertjes. Dat wordt in onze geletterde wereld blijkbaar heel belangrijk gevonden. Ik vertel ouders regelmatig dat leren lezen ook, of misschien wel juist, begint met genieten van verhalen, van voorlezen, van verhalen verzinnen en aan elkaar vertellen, plezier hebben in klanken, rijmpjes en liedjes. En, bij ons op school met klankgebaren ;-)
Wil je meer weten over klankgebaren:
http://www.onderwijsgek.nl/downloads.html
http://www.lezenmoetjedoen.nl/
zondag 8 april 2012
.....een bloemkoolwijk
Onze kinderen gingen naar de basisschool, een leuke school met een directeur vol idealen. Ik voelde mij er meteen thuis en werd binnen de kortste keren ingeschakeld als invaljuf. Intussen begon ik aan de opleiding remedial teacher en onze zoon van drie jaar oud ging gewoon mee naar school als ik de stage opdrachten moest uitvoeren. Zo ging het op Java ook. Daar stonden de juffen voor de klas met hun kindjes in de slendang (draagdoek) De draagdoek gebruikte ik inmiddels niet meer. Een doos met blokjes was voor zoon genoeg om zich een poosje te vermaken.
Jammergenoeg ging de school fuseren, met twee andere scholen in Buytenwegh en de Leyens. Als ouders probeerden we betrokken te zijn bij het fusieproces, er een stem in te hebben. Dat lukte totaal niet. Wat ik er van geleerd heb is dat ik als juf ouders wel serieus wil nemen, goed wil luisteren en samen wil werken. Meestal gaat dat goed. Na al die jaren werk ik nog steeds op school en ik geniet van het dorp dat onze wijk, de Leyens in mijn ogen is.
Als ik boodschappen doe, zijn er altijd bekenden. Soms hoor ik iemand keihard ‘juf Jannie’ door de winkel roepen. Ik zwaai, maak een praatje en voel dat ik er toe doe, dat ik betekenis heb voor de kinderen, de mensen om mij heen. Dat doet mij goed, ik voel mij verbonden met de mensen in mijn buurt. Ik ontmoet hen graag, op school, in de winkel, op een buurtfeest of gewoon in het voorbijgaan. Sinds een aantal jaren hebben wij een kruidentuin in onze buurt. Ik werk er graag in en niet omdat ik onkruid wieden zo bijzonder leuk vind. Als ik bezig ben in het groen, is er altijd wel iemand die iets komt vragen, iemand aan wie ik een bosje peterselie kan geven of iemand die een verhaal aan mij wil vertellen. Onze buurtbank is op dezelfde manier verbindend. Mensen staan even stil bij elkaar. Zitten even stil met elkaar. Lopen door het labyrinth dat we in het gras gemaaid hebben en zijn gelukkig met elkaar. Gelukkig in een bloemkoolwijk.
Sinds onze kinderen het huis uit zijn, weet ik dat we in een bloemkoolwijk wonen. Een van hen studeert bouwkunde in Delft. Hij hoort de stad van zijn jeugd regelmatig voorbijkomen in de colleges. Zoetermeer bestaat voornamelijk uit bloemkoolwijken heeft hij mij uitgelegd. Geen rechte wegen met kruispunten maar straten die zich steeds vertakken waarbij de kans op sociaal contact erg groot is. Je komt elkaar heel gemakkelijk tegen in zo’n bloemkool structuur. Ik kan het alleen maar beamen en ben er blij mee. Voel mij al twintig jaar vrij en blij in de bloemkoolwijk en hoop dat nog heel lang te blijven!
Jammergenoeg ging de school fuseren, met twee andere scholen in Buytenwegh en de Leyens. Als ouders probeerden we betrokken te zijn bij het fusieproces, er een stem in te hebben. Dat lukte totaal niet. Wat ik er van geleerd heb is dat ik als juf ouders wel serieus wil nemen, goed wil luisteren en samen wil werken. Meestal gaat dat goed. Na al die jaren werk ik nog steeds op school en ik geniet van het dorp dat onze wijk, de Leyens in mijn ogen is.
Als ik boodschappen doe, zijn er altijd bekenden. Soms hoor ik iemand keihard ‘juf Jannie’ door de winkel roepen. Ik zwaai, maak een praatje en voel dat ik er toe doe, dat ik betekenis heb voor de kinderen, de mensen om mij heen. Dat doet mij goed, ik voel mij verbonden met de mensen in mijn buurt. Ik ontmoet hen graag, op school, in de winkel, op een buurtfeest of gewoon in het voorbijgaan. Sinds een aantal jaren hebben wij een kruidentuin in onze buurt. Ik werk er graag in en niet omdat ik onkruid wieden zo bijzonder leuk vind. Als ik bezig ben in het groen, is er altijd wel iemand die iets komt vragen, iemand aan wie ik een bosje peterselie kan geven of iemand die een verhaal aan mij wil vertellen. Onze buurtbank is op dezelfde manier verbindend. Mensen staan even stil bij elkaar. Zitten even stil met elkaar. Lopen door het labyrinth dat we in het gras gemaaid hebben en zijn gelukkig met elkaar. Gelukkig in een bloemkoolwijk.
Sinds onze kinderen het huis uit zijn, weet ik dat we in een bloemkoolwijk wonen. Een van hen studeert bouwkunde in Delft. Hij hoort de stad van zijn jeugd regelmatig voorbijkomen in de colleges. Zoetermeer bestaat voornamelijk uit bloemkoolwijken heeft hij mij uitgelegd. Geen rechte wegen met kruispunten maar straten die zich steeds vertakken waarbij de kans op sociaal contact erg groot is. Je komt elkaar heel gemakkelijk tegen in zo’n bloemkool structuur. Ik kan het alleen maar beamen en ben er blij mee. Voel mij al twintig jaar vrij en blij in de bloemkoolwijk en hoop dat nog heel lang te blijven!
Gelukkig in....
Zoetermeer vierde een aantal jaren geleden haar 1000 jarig bestaan, een jaar vol vrolijke promotieactiviteiten. Ik herinner mij vooral het middeleeuws festival waarbij het hele stadsbestuur verkleed tussen de mandenvlechters en koperslagers over het marktplein liep, een beetje alsof we even in het Archeon waren.
Ons stadsbestuur heeft genoeg fantasie want dit jaar vieren we dat we 50 jaar bestaan ;-)50 jaar groeistad, in de bloei van ons leven. Het sprak mij wel aan, ik vierde mijn eigen 50e verjaardag iets meer dan een jaar geleden en toen ik de oproep las om een verhaal voor het boek 'Zoetermeer 50 jaar groeistad' te schrijven, dacht ik 'ja, dat lijkt mij leuk.' Volgende week maandag wordt het boekje gepresenteerd in de bibliotheek en omdat ik ook over school schrijf, is hier alvast het begin van mijn verhaal.
‘Merdeka’ stond er op de muur geschreven. Na een verblijf van vijf jaar in Indonesie klonk dat bekend. Terwijl we het behang aan het afstomen waren kwam het woord tevoorschijn. ‘Vrijheid’ betekent het. Zou Zoetermeer ons vrijheid brengen? We waren net terug in Nederland en hadden een huis gehuurd in de John Fordstrook. Vroeger gingen Indiegangers naar Den Haag. Wij als geboren plattelanders en net terug uit een modern huis met een enorme tuin in een tropisch bergdorp kozen voor de ruimte en het groen van Zoetermeer. Spannend vond ik het wel. In Indonesie had ik als moeder van twee kleine kindjes alle ruimte om te gaan en staan waar ik wilde. We werden omringd door de goede zorgen van een hulp, een kindermeisje, een tuinman, en een chauffeur. Ons ontbijt stond al klaar als we ’s ochtends uit bed kwamen. We leefden als prinsen en prinsessen al die jaren in de tropen. Nu zou ik mijzelf moeten redden. Vrijheid was dan ook niet het eerste waar ik aan dacht bij het gaan wonen in Zoetermeer.
In Lembang, ons dorp in Indonesie woonden we op een compound. Zeven huizen rond een groot grasveld en een tennisbaan. Wij waren de enige bewoners met kinderen. Dat was eigenlijk te stil voor mij. Wat was ik blij om te ontdekken dat in de John Fordstrook in bijna alle huizen gezinnen met kinderen woonden. Er waren genoeg moeders zoals ik die graag wilden delen wat hen bezig hield. Onze dochter zou over een paar maanden vier worden, naar welke school zouden we haar laten gaan. Vriendelijke buurvrouwen namen de tijd voor een praatje, een advies. Wat was ik er blij mee.
In een oude schuur naast restaurant ‘De Sniep’ vonden we peuterspeelzaal ‘De Grobbebol’. Ik werd lid van de oudercommissie en genoot van het maken van ‘de schoolkrant’. Pas geleden kwam de Grobbebol, die nu al lang niet meer bestaat, nog ter sprake. In de sportschool sprak een mevrouw mij aan. ‘Jouw gezicht komt mij zo bekend voor, ken ik je soms uit de kinderopvang?’ vroeg ze. Het bleek een van de juffen van de Grobbebol te zijn, van twintig jaar geleden.....
Ons stadsbestuur heeft genoeg fantasie want dit jaar vieren we dat we 50 jaar bestaan ;-)50 jaar groeistad, in de bloei van ons leven. Het sprak mij wel aan, ik vierde mijn eigen 50e verjaardag iets meer dan een jaar geleden en toen ik de oproep las om een verhaal voor het boek 'Zoetermeer 50 jaar groeistad' te schrijven, dacht ik 'ja, dat lijkt mij leuk.' Volgende week maandag wordt het boekje gepresenteerd in de bibliotheek en omdat ik ook over school schrijf, is hier alvast het begin van mijn verhaal.
‘Merdeka’ stond er op de muur geschreven. Na een verblijf van vijf jaar in Indonesie klonk dat bekend. Terwijl we het behang aan het afstomen waren kwam het woord tevoorschijn. ‘Vrijheid’ betekent het. Zou Zoetermeer ons vrijheid brengen? We waren net terug in Nederland en hadden een huis gehuurd in de John Fordstrook. Vroeger gingen Indiegangers naar Den Haag. Wij als geboren plattelanders en net terug uit een modern huis met een enorme tuin in een tropisch bergdorp kozen voor de ruimte en het groen van Zoetermeer. Spannend vond ik het wel. In Indonesie had ik als moeder van twee kleine kindjes alle ruimte om te gaan en staan waar ik wilde. We werden omringd door de goede zorgen van een hulp, een kindermeisje, een tuinman, en een chauffeur. Ons ontbijt stond al klaar als we ’s ochtends uit bed kwamen. We leefden als prinsen en prinsessen al die jaren in de tropen. Nu zou ik mijzelf moeten redden. Vrijheid was dan ook niet het eerste waar ik aan dacht bij het gaan wonen in Zoetermeer.
In Lembang, ons dorp in Indonesie woonden we op een compound. Zeven huizen rond een groot grasveld en een tennisbaan. Wij waren de enige bewoners met kinderen. Dat was eigenlijk te stil voor mij. Wat was ik blij om te ontdekken dat in de John Fordstrook in bijna alle huizen gezinnen met kinderen woonden. Er waren genoeg moeders zoals ik die graag wilden delen wat hen bezig hield. Onze dochter zou over een paar maanden vier worden, naar welke school zouden we haar laten gaan. Vriendelijke buurvrouwen namen de tijd voor een praatje, een advies. Wat was ik er blij mee.
In een oude schuur naast restaurant ‘De Sniep’ vonden we peuterspeelzaal ‘De Grobbebol’. Ik werd lid van de oudercommissie en genoot van het maken van ‘de schoolkrant’. Pas geleden kwam de Grobbebol, die nu al lang niet meer bestaat, nog ter sprake. In de sportschool sprak een mevrouw mij aan. ‘Jouw gezicht komt mij zo bekend voor, ken ik je soms uit de kinderopvang?’ vroeg ze. Het bleek een van de juffen van de Grobbebol te zijn, van twintig jaar geleden.....
zaterdag 7 april 2012
Kleine beestjes
Narcissen versierden de middelste tafel tijdens het paasontbijt. Er om heen kleine crodinoflesjes (die een van onze buurvrouwen niet naar de glasbak brengt maar op het bankje voor ons huis zet, als haar man weer een paar flesjes op heeft, ik ben er altijd weer blij mee ;-) De flesjes vulden we deze keer met blauwe druifjes. In het midden van de tafel staat een schaal met gekookte eieren en overal tussen door heb ik klimop ranken gelegd. Symbool van trouw en eeuwig leven.
Veel van de paasversieringen neem ik, als de kleuters naar huis zijn, mee naar de kerk aan de overkant van de weg. De bloemen en wilgentakken die de klassen versierden brengen de wijkzaal van de kerk ook in paassfeer. Als ik de klimopranken in de mand met spullen voor de kerk wil doen, bedenk ik mij ineens dat de wandelende takken ook wel wat blaadjes kunnen gebruiken.
Ik kreeg de bak met 5 'takken' erin van Sinterklaas en heb ze mee naar school genomen. Op dat moment was dat heel leuk. Sommige kleuters wilden de takken op hun arm laten lopen, anderen griezelden er van. Veel ouders griezelden er zeker van. Net zoals ze niet altijd blij zijn met de slakken die de kleuters zo graag verzamelen en in een doosje mee naar huis nemen ;-) Lieveheersbeestjes worden ook veel gevonden in de heg rond de school en graag in een pringlesbus gestopt door de kleuters. Ze pakken de prikpennen, weten dat er lucht nodig is en prikken talloze gaatjes in het deksel van de bus. Lieveheersbeestjes laat ik eigenlijk liever vliegen dan dat ik ze opsluit in een pringlesbus en tegelijk begrijp ik dat beestjes verzamelen een leuk spel is voor de kleuters.
Onze Jim is wat dat betreft de bioloog in de dop. Op de natuurspeelplaats vond hij een duizendpoot. Au, riep hij, die bijt best hard. Hij bleef de duizendpoot vasthouden en het beest bleef bijten, Jim was er door geboeid, en wij stonden er met grote verbazing om heen. Vorige week vond Jim een pad en hield die heel rustig in zijn hand. Hij is een bak gaan halen in een andere klas en heeft de pad mee naar huis genomen. Daar is hij ontsnapt en samen met zijn grote broer zal hij de bak na pasen vullen met kikkerdril en beginnen we weer aan een nieuw natuuravontuur.
De bak met wandelende takken is minder avontuurlijk. Die staat eigenlijk tamelijk verlaten en vergeten op de kast. Af en toe doe ik er wat blaadjes bij of besprenkel de takken met wat water en daar blijft het bij. Tot ik gisteren het deksel opende en tot mijn grote verbazing ineens wel 20 ieniemini takjes telde. Oeps zou mijn lieve collega daar blij mee zijn? Ik zag haar ooit al wat bedenkelijk kijken naar de takkenbak. Of is het wat voor groep zeven? Meester A, jij bent wel een natuurliefhebber toch?! Zal ik je volgende week een bakkie met takkies komen brengen?
vrijdag 6 april 2012
Paasontbijt
Voor de begrafenis van Anine heb ik op school nog ontbeten met de kleuters. Het paasontbijt is een traditie waar de kleuters zich op verheugen. Het liefst zou ik stilletjes zitten kijken naar al die kinderen die hun eigen broodjes smeren, hun eitjes pellen en heel snel heel veel broodjes naar binnen werken of eindeloos langzaam zitten te genieten van een croissantje of een beschuitje met 5 plakjes kaas ;-)
Na de begrafenis was ik nog een uur in de klas en had eigenlijk nergens meer zin in.Ik stelde voor om de restjes van het ontbijt naar de eendjes in het park te gaan brengen. Dat hoefde ik maar een keer te zeggen, naar de eendjes is altijd een succes. In het park herinneren de kleuters zich de vorige keer dat we hier waren, toen lag er ijs en hebben we heerlijk gegleden op de slootjes. Als alle brood op is, vraagt er iemand:'Zullen we nu naar de natuurspeelplaats gaan?' Ach, ja laten we het doen! En daar gaan we, over de bruggetjes zonder leuningen, het is spannend en tegelijk zo leuk!
We spelen nog even in en rond de wilgentenenhut en dan is het de hoogste tijd om weer naar school te gaan. Als het mooier weer wordt gaan we hier weer spelen spreken we af en ik verheug mij er nu al op.
Na de begrafenis was ik nog een uur in de klas en had eigenlijk nergens meer zin in.Ik stelde voor om de restjes van het ontbijt naar de eendjes in het park te gaan brengen. Dat hoefde ik maar een keer te zeggen, naar de eendjes is altijd een succes. In het park herinneren de kleuters zich de vorige keer dat we hier waren, toen lag er ijs en hebben we heerlijk gegleden op de slootjes. Als alle brood op is, vraagt er iemand:'Zullen we nu naar de natuurspeelplaats gaan?' Ach, ja laten we het doen! En daar gaan we, over de bruggetjes zonder leuningen, het is spannend en tegelijk zo leuk!
We spelen nog even in en rond de wilgentenenhut en dan is het de hoogste tijd om weer naar school te gaan. Als het mooier weer wordt gaan we hier weer spelen spreken we af en ik verheug mij er nu al op.
Abonneren op:
Posts (Atom)








